dinsdag 31 mei 2016

Interessante weetjes over Colombia

>Colombia heeft de grootste biodiversiteit per vierkante meter ter wereld.

>De grote steden van Colombia liggen grotendeels in het Andesgebergte. Het beperkte wegennetwerk tussen steden veroorzaakt vele logistieke problemen. Vele regio's in het zuiden zijn alleen per vliegtuig bereikbaar.

>Als je aan Colombianen vraagt waar ze ooit graag eens naartoe willen gaan, zeggen ze vaak Parijs. Dat staat voor hen symbool voor beschaving en ontwikkeling.

>Colombianen spreken het mooiste Spaans van Latijns-Amerika. Vooral het accent uit het departement Antioquia (acento Paisa) is aangenaam om naar te luisteren. 

>Colombia heeft een rijk pallet van fruitsoorten die in Europa niet te koop zijn zoals lulo, pitaya, boomtomaat, guava, goudbes, curuba, ... Er wordt een onderscheid gemaakt tussen ‘plátanos’ en ‘bananas’. Plátanos zijn veel groter dan bananas, en worden gebakken of gefrituurd omdat ze rauw niet lekker zijn.

Plátanos
 
>Wanneer je bier bestelt vraagt men soms of je michelada wilt. Dan serveert men het bier op een bodem van limoensap met een dikke rand zout op het glas. Vele Colombianen vinden het lekker, maar ik vind de zoute smaak gecombineerd met bier afschuwelijk.


>Colombianen eten veel vlees en vooral kip. Rundvlees wordt vaak iets te veel doorbakken voorgeschoteld.


Colombianen eten graag kip met handschoenen.

>Veel voedingswaren die bij ons in glazen potten of brik verpakt worden, zoals ketchup, confituur of melk, worden in Colombia in plastieken zakjes verpakt. Dit gebeurt om de kosten in het ‘armere’ Colombia te drukken.



>Als je zelf geen GSM hebt kan je in Colombia bij een straatstandje betalen om met een GSM te bellen die vast hangt aan een kettinkje. Eén minuut kost 150 pesos of 6 eurocent.


>Veel Colombianen hebben nooit leren zwemmen. In verhouding tot het aantal inwoners zijn er ook niet veel zwembaden.

>Colombia heeft het meeste aantal officiële feestdagen ter wereld, 20 per jaar. Dat betekent wel dat ze minder vrij te kiezen verlofdagen hebben. Eigenlijk is dat een slecht systeem. Tijdens de zogenaamde puentes of bruggen (bvb. weekend + maandag) staan er steevast urenlange files op de uitgangswegen van Bogota. 

>In Colombia is de werksfeer veel amicaler als in Europa. Een verjaardag op het werk wordt uitbundig gevierd met eieren op het hoofd van de jarige kapotslaan, confetti, ballonnen, slingers en taart.

>Colombianen gebruiken veel overbodige administratieve processen en papieren documenten.

>Colombianen houden van vulgaire en seksueel getinte humor.


>In Colombia bestaat er een subtiel gebaar om aan anderen duidelijk te maken dat er een zakkenroller in de buurt is: Met je vingers over je wang of jukbeen krabben. Zeer handig als je samengepropt in een bus staat.

>Colombianen zijn erg religieus. Velen maken een kruisteken wanneer ze in de bus voorbij een kerk passeren.

>Veel Colombianen zijn bijgelovig. Op nieuwjaar is het de gewoonte om met een lege valies rond het huis te lopen, om veel te kunnen reizen. Om 12 uur eet men 12 druiven, om 12 wensen te kunnen doen. Voor financiële voorspoed steekt men linzen in de broekzak. Vrouwen dragen dragen ook een gele onderbroek op nieuwjaar.


>Op kerstmis worden er volop vuurpijlen afgeschoten zoals op nieuwjaar.

>De dag voor een politieke stemming gaat de 'Ley Seca' van kracht en mag er geen alcohol verkocht worden.

Bucaramanga, La Cuidad Bonita?

Afgelopen week was ik in Bucaramanga, de hoofdstad van het departement Santander. Welke eerste indruk heeft deze plek op me achtergelaten?


Bucaramanga oogt moderner als een gemiddelde Colombiaanse stad, en heeft vele netjes onderhouden parken, en fraaie shopping malls. 


Van een stad die de naam ‘De Mooie Stad’ draagt had ik echter meer verwacht. Colombianen vinden vaak mooi wat modern is. De mooiste stad van Colombia is Cartagena, vanwege haar koloniaal stadscentrum.

Centro Comercial Cacique

Bucaramanga is niet zo divers als Cali, Bogota, Medellin en Cartagena. Om te wonen lijkt me het iets te saai. Maar de stad oogt proper, heeft weinig zichtbare armoede en de luchtkwaliteit en het weer zijn beter dan in Bogota.

Het landschap rondom Bucaramanga bestaat uit heuvels en ruwe kloven met droge vegetatie. 



Men zegt dat de Santanderanen een sterk accent hebben, dat niet zo mooi klinkt als andere Colombiaanse accenten. Men zegt ook dat ze nogal direct en bruusk zijn in omgang, met een sterk temperament. 

Een andere bijzonderheid uit Santander is dat men er reuzenmieren verkoopt voor menselijke consumptie.


maandag 30 mei 2016

Hoe neem je een taxi in Bogota zonder opgelicht te worden?

Taxichauffeur in Bogota. Het moet een frustrerend beroep zijn door de onophoudelijke files. Vele dromen er dan ook van een huisje op het platteland te hebben.


Het loon van een taxichauffeur is karig. De meerderheid zal proberen elke rit iets meer aan te rekenen dan de officiële tarieven. Zeker als je een Europees uiterlijk hebt.

Vaak stelt men mij de vraag hoe lang ik al in Colombia ben. Lees: ben ik een makkelijk slachtoffer om af te zetten?

De meeste taxi's zijn klein, zodat ze makkelijk niet-koosjere manoeuvres kunnen uitvoeren in verkeersopstoppingen.

Graag geef ik enkele waardevolle tips mee, die ik in mijn ervaring met het nemen van honderden taxi’s in Bogota heb opgebouwd:


Een taxi tegenhouden of bellen?

In vele media beweert men dat het veiliger is om er één te bellen. In praktijk zal je dan vaak langer mogen wachten. Ik houd altijd willekeurige taxi’s tegen op straat, en heb daar nog nooit een veiligheidsprobleem mee gehad. Ik bel alleen taxi’s als ik op een plek ben waar geen taxi’s voorbij rijden.


De prijs

Achteraan de zetel moet altijd een prijskaart hangen. Als die er niet hangt kan je er achter vragen. Daar staan nummers op met prijzen. Kijk naar het nummer op de taximeter en vervolgens op de kaart welk bedrag met dat nummer overeenkomt.


Als hij een extra nacht-, zondag- of feestdagtarief aanrekent, controleer dan op de kaart of hij het juiste tarief aanrekent.

Als je de prijzen niet controleert op de kaart gaat hij gegarandeerd er een paar duizend peso’s bovenop aanrekenen. Vaak bestudeer ik tijdens de rit even ostentatief de kaart, zodat de chauffeur doorheeft dat ik het systeem ken.


De kortste weg

Een omweg nemen is een ook een vaak gebruikte truuk. Anderzijds weet men vaak de kortste weg niet. Ik merkte op dat men vaak een andere weg nam van de luchthaven naar mijn appartement. Daarom gebruik ik meestal een GPS-systeem (bvb. Google Maps) op mijn smart phone om de chauffeur de richting aan te geven.  


Laat je geen blaasjes wijsmaken

Een keer zei de chauffeur dat er een religieuze optocht plaatsvond in het centrum waardoor hij een andere weg moest nemen. Die omweg bleek hem erg gunstig, want wat normaal een rit van 10 minuten moest zijn werd een halfuur. Achteraf bleek uit navraag dat er helemaal geen optocht had plaatsgevonden. Dat onze bestemming gesloten was had hij ook niet gezegd, maar dat kan ik nog wel begrijpen.

Iemand zei me eens: als een Colombiaan je niet in het zak heeft gezet, dan is hij het vergeten. Deze stelling is m.i. wat eenzijdig, want Colombianen zijn erg gastvrij en delen graag wat ze hebben, maar er zit wel een zekere kern van waarheid in.

zondag 15 mei 2016

Wandelen in Bogota: Quebrada La Vieja

De bekendste wandeling vanuit Bogota is de bedevaartsroute naar het heilgdom Monserrate. Dat biedt vanop 3152 m het mooiste uitzicht over Bogota.

Monserrate

Een minder bekende route - voor velen een verborgen juweeltje - is Quebrada La Vieja. 

Het beginpunt van deze wandeling ligt in Calle 71 #1-45. Het eindpunt is een houten kruis op de top van een berg. Een alternatieve route loopt naar een Mariabeeldje.

Het uitzicht vanop de top is minder spectaculair als Monserrate, maar de route is veel mooier en natuurlijker. Ongelooflijk dat je zo dicht bij de stad in een oase van rust en zuivere lucht kan vertoeven.


Het pad begint langs een ondergronds riviertje dat je een tijd lang blijft volgen. Na een tijdje wandelen verandert het loofbos in een naaldbos, tot je in een meer open berglandschap terechtkomt. In een goed tempo is het één uur wandelen tot het kruis.


Onderweg staan er een 30tal politieagenten, om te vermijden dat mensen beroofd worden.

Hoewel vele Bogotanen deze route niet kennen, is ze zeker niet onbekend. In het weekend is het er tamelijk druk. Op weekdagen is er véél minder volk.

Belangrijk om te weten is dat je maar tot 9 uur binnen mag. Te laat komen is niet binnen. Als je tot het kruis wil wandelen kan je best om 7u30 beginnen, want vanaf een bepaald tijdstip wandelen de politieagenten naar beneden en moeten de wandelaars mee afdalen.


We waren zo’n 25 minuten van de top verwijderd, en waren vastberaden om naar de top te gaan. Tot grote frustratie moesten we terugkeren van de groep agenten. 

Daarom zijn we iets voorop van de groep agenten terug gelopen en hebben ons verstopt in de bosjes tot de agenten voorbij waren. 

Het voordeel was dat we hierdoor alleen in de natuur waren. We waren niet zeker of wel terug buiten zouden geraken, maar uiteindelijk was dat geen probleem. Er waren nog enkele andere achtergebleven wandelaars.


Onderweg zijn er enkele zijpaden die naar verschillende plaatsen leiden (o.a. Monserrate), maar dat wordt afgeraden zonder gids en bewaking. Voor de ontdekker biedt deze route dus heel wat mogelijkheden...

zondag 27 maart 2016

Wat bezoeken in Manizales, Pereira en Salento?

Manizales, Pereira en Salento zijn belangrijke plaatsen in de Eje Cafetero (koffie-as). De koffieregio wordt gekenmerkt door een aangenaam klimaat en magnifieke heuvelachtige landschappen. En je kan er uiteraard heerlijke koffie drinken!



Manizales

Manizales is met ruwweg 400.000 inwoners de tweede grootste stad in de Paisa regio. Paisa is een culturele identiteit op basis van regio (Antioquia, Caldas, Risaralda & Quindío), genetische oorsprong (Basken, Sefardische Joden e.a. Spaanse regio's), gemeenschappelijke historie, mentaliteit en culturele gewoonten.

Manizales heeft met haar heuvels een atypische en versnipperde stadsstructuur. De interessantste wijken bevinden zich op één as: Chipre, Centro Histórico en El Cable.

Must visit wijken in Manizales. Klik op afbeelding om te vergroten.

Chipre is een hoger gelegen deel, waar je het Monumento a Los Colonizadores kan bezoeken. Op weg hiernaartoe passeer je enkele fraaie uitzichtpunten. 

Centro Histórico is de beste plek om goedkoop te overnachten. Bezoek hier de kathedraal, met 106 m de hoogste van Colombia. 

El Cable is de beste uitgaansbuurt. Paisa vrouwen hebben een speciaal uiterlijk. Als je er bent zal je begrijpen wat ik bedoel.

De kabelbaan verbindt de busterminal met het centrum en de wijk Villamaria. Op één dag bezoek je alle hoogtepunten van de stad. 



Vanuit Manizales vertrekken ook excursies voor bergwandelingen op de Nevado del Ruiz, de 5321 meter hoge vulkaan.


Pereira

Pereira is de grootste stad van de koffiedriehoek en heeft een iets warmer klimaat dan Manizales.

Wij bezochten Termales Santa Rosa De Cabal. De inkomprijs 36.000 COP is wat te hoog, maar de weg ernaartoe en de vallei zijn erg mooi. Op een warme dag zal je niet klagen wanneer je afkoelt in één van de watervalletjes. Op verlofdagen kan het er druk zijn, probeer die dus eerder te vermijden.


Een natuurpark in de buurt van Pereira is Santuario de Fauna y Flora Otún Quimbaya. Daar leven o.a. apen, tapirs, vossen en poema's.



Salento

Salento is een must do voor de Colombiareiziger. De beste tip die ik je hiervoor kan geven is overnachten in hostel La Serrana, vanwege het fantastisch uitzicht en de leuke sfeer om backpackers te leren kennen. Als je niet op voorhand boekt is de kans reëel dat het volzet is. 

In Salento kan je o.a. de koffieproductie bezichtigen, maar de hoofdactiviteit is de wandeling in Valle de Cocora. De fotoreeks hieronder illustreert waarom je Salento niet mag missen...

Uitzicht vanuit La Serrana




Valle de Cocora



Kolibries verbranden veel energie en voeden zich voortdurend.


... Magisch, toch?

maandag 29 februari 2016

De 16 beste dag- en weekenduitstappen vanuit Bogota

#1 Villa de Leyva, Cascadas de la Periquera en Laguna de Iguaque (2 dagen)

Villa de Leyva wordt vaak aangeprezen als mooiste koloniale dorpje van Colombia. Niet geschikt om te rollerbladen, want alle straten zijn met kasseien bedekt.


Als je na een halfuurtje al genoeg hebt rond gekuierd, beklim dan de heuvel tot het Christusbeeldje, en bekijk Villa de Leyva vanuit helikopterperspectief.


Bij Cascadas de la Periquera kan je zwemmen, langsheen véle watervallen afdalen, en terugwandelen via een andere weg.


Wandeling bij Cascadas de la Periquera

Niet ver van de watervallen is er een bergtocht van 5 a 6 uur naar de lagune van Iguaque. Let op, je mag maar tot 10 uur ‘s morgens het natuurpark binnen. Het is moeilijk om er te geraken als je geen jeep hebt. De weg ernaar toe is ongelooflijk slecht (lees: rotsachtig met diepe putten).


Laguna de Iguaque

Hoe geraak je daar? Neem de TransMilenio tot Portal Norte. Van daaruit neem je een bus naar Tunja (duur rit 2 a 3 uur). In de terminal van Tunja stap je over op een ander busje, van daaruit is het nog 1 uur tot Villa de Leyva. 

Cascadas de la Periquera ligt op 13 km van Villa de Leyva. 

Laguna de Iguaque kan je bereiken vanuit Villa de Leyva door ter plekke vervoer te regelen. Of je kan ook eerst een nacht in Arcabuco slapen en van daaruit een jeep regelen naar de ingang van het natuurpark, en terug keren via Villa de Leyva naar Tunja.


#2 Motorcross in Tocancipá (1 dag)

Altijd al eens op een motocross-bike willen racen op een onwijs parcour? Kan heel eenvoudig in Colombia! Lees dit artikel.




#3 Chicaque (1 dag)

De beste wandeling als je het jungle-gevoel wilt krijgen in de buurt van Bogota. De tocht begint met een afdaling doorheen een mistig woud.


Het eindpunt is een waterval. De laatste loodjes wegen het zwaarst, want op de terugweg mag je het stuk dat je in het begin kon afdalen weer opklimmen.



Hoe geraak je daar? Neem de TransMilenio tot Portal del Sur. Van daaruit neem je een busje naar de zone El Altico. Stap af bij het MOBIL tankstation. Vandaar neem je een andere bus van het bedrijf COOMOFU richting Funza en Mosquera. Vraag de chauffeur om te stoppen bij de weg naar Chicaque, vandaar is het nog 35 minuten stappen naar de ingang van het park.


#4 Parque Nacional Natural Chingaza: Lagunas de Siecha (2 dagen)

Voor zware bergtochten ga je naar Sierra Nevada del Cocuy, maar voor wie dichtbij Bogota al eens wil klimmen in de bergen, raad ik Lagunas de Siecha in Chingaza aan. Je gaat geen sneeuw zien, maar op een hoogte van 3350 m hoog word je beloond met een uitzicht op enkele zeer mooie lagunes. 


Als je vroeg in de ochtend gaat, heb je meer kans om de brilberen te zien. Die komen in de ochtend soms drinken aan de lagunes.


Hoe geraak je daar? Op de hoek van Calle 72 met Carrera 13 neem je een busje naar Guasca (duur rit 1 uur). In Guasca kan je goedkoop overnachten. In Guasca vraag je best een autorisatie voor het park aan. Elke dag worden er max. 40 toegelaten, maar meestal komen er weinig toeristen per dag. Vanaf 6 uur ’s morgens kan je het eerste busje nemen naar Paso Hondo. Van daaruit is het nog een dik uur wandelen door een mooi landschap tot de ingang van het park. Vanaf de ingang van het park is het 3,5 uur heen en terug. In feite kan je deze uitstap op 1 dag doen, maar het is beter om vroeg in de ochtend te gaan en dus in Guasca te overnachten. Bovendien kan je deze uitstap combineren met een bezoek aan het Guatavita meer, en in het nabijgelegen Sopo kan je parapenten.


#5 Tatacoa Woestijn (2 dagen)

Over de mini-rocky mountains met sterrenobservatorium heb ik al een apart artikel geschreven.



#6 Choachí & Cascada la Chorrera (1 dag)

Als je graag wilt weten hoe de andere kant van de heuvel van Monserrate er uit ziet, bezoek dan dé oase van rust: Choachí. Dit piepkleine dorpje ligt in een zeer zuiver groen dal, en geeft een beeld van het plattelandsleven in Cundinamarca. 

Ikzelf maakte de wandeling tot Termales Santa Mónica, waar ondergrondse rivieren op natuurlijke wijze enkele zwembaden verwarmen. 



Onderweg naar Choachí wijkt er een pad af naar Cascada la Chorrera, met 590 meter de hoogste waterval van Colombia. Als het een lange tijd droog is, kan het wel zijn dat er weinig water loopt.



Hoe geraak je daar? Neem de TransMilenio naar Tercer Milenio. In Calle 6 met Caracas vertrekken busjes naar Choachí. Voor de waterval vraag je best aan de chauffeur waar je moet afstappen. Vanaf de asfaltweg is het 1,5 uur wandelen tot in ingang van het park, maar je kan ook liften. Vanaf de ingang tot de waterval en terug is 3 uur wandelen.


#7 Villeta (1 of 2 dagen)

Villeta ligt op 850 meter hoogte, waardoor het er een pak warmer is dan in Bogota. 

De hoofdattractie is Bocatoma, een waterval met zwemgelegenheid. Je kan er naar toe stappen vanuit het centrum via een vervallen spoorlijn. De spoorbruggen over de rivier zijn wat onveilig: soms moet je over losse planken wandelen naast openingen waar je 10 m diep naar beneden kan vallen. Je kan ook de zelfgemaakte gemotoriseerde karretjes nemen, die je over de spoorlijn tot de waterval brengen.


Als je wil wandelen in het groen, beklim dan de berg ten zuidoosten van het centrum. Wandel vanaf het centrale plein naar de Rio Villeta, steek daar het bruggetje over en neem vervolgens de trappen omhoog. Volg steeds de meest stijgende weg. Na ongeveer 1,5 uur wandelen bereik je bezweet de top en werp je een blik over de wijdere omgeving. Op de terugweg neem je een frisse duik in één van de vele openluchtzwembaden!



Hoe geraak je daar? Bussen naar Villeta vertrekken vanuit Portal 80. Villeta ligt op slechts 2 uur rijden van Bogota.


# 8 La Vega (1 of 2 dagen)

Onderweg naar Villeta ligt het kleinere dorpje La Vega. Het ligt op één uur rijden van Bogota, en is net zoals Villeta terra caliente. Geniet er van warm weer en openluchtzwembaden.

Het dorpscentrum is minder fraai als Villeta, maar je kan er 2 toffe wandelingen maken.

Neem de taxi of een colectivo naar Laguna El Tabacal. Als je rechts langs de lagune blijft wandelen, kan je tot de top van de berg klimmen en via een andere weg terugkeren. 

Laguna El Tabacal

Op een paar kilometer van de lagune ligt er een zwembad voor een frisse duik na de wandeling. Het is mogelijk om van El Tabacal te voet door de vallei terug te keren naar La Vega. Onderweg zijn er verschillende natuurpaden zodat je niet de hele tijd langs de asfaltweg hoeft te stappen.

Een andere wandeling vanuit La Vega is Cerro de Butulú. Vanop deze berg heb je het beste uitzicht op La Vega. Vanaf de bergtop wordt er ook geparapent. Vraag aan een taxichauffeur om je af te zetten aan het beginpunt van de wandeling.

Cerro de Butulú

Hoe geraak je daar? Neem de bus vanuit Portal 80. 


#9 Avontuurlijke sporten in Tobia (2 dagen)

Tobia ligt de buurt van La Vega en Villeta, en je kan er allerlei extreme sportactiviteiten doen zoals raften, ziplinen en rapellen. De kabelbaan gaat over de vallei waarin Tobia ligt, en het is de langste en hoogste dit ik al gezien heb. 

Van de commerciële activiteiten heb ik alleen het raften gedaan. Superwild is de rivier niet, maar met het warme weer en de omliggende natuur is het zeker een aanrader. De beste tijd om te raften is rond december, in juli staat het water veel lager in de Rionegro.


De meest extreme sportactiviteit die ik gedaan heb was op eigen houtje wandelen tot het dorpje Quebradanegra. Vanuit Tobia vertrekt er een weg, na ongeveer een uur klimmen staat er een bordje aan de rand van de weg: Camino Real. Als je dit pad volgt kom je in Quebradanegra. Keer vanuit Quebradanegra via de gewone zandweg terug, zodat je ook langs de top van de berg passeert. Mooie wandeling van ongeveer 4,5 uur.  

Hoe geraak je daar? Neem vanaf Portal 80 de bus naar Villeta. Stap voor Villeta af aan de weg die naar Tobia leidt. Van daaruit is er transport naar Tobia.


#10  Camino Real naar El Ocaso (1 dag)

Caminos Reales zijn oude wegen die onder de Spanjaarden gebouwd werden, vergelijkbaar met heirbanen.

Deze mooie wandeling doorheen het platteland van Cundinamarca vertrekt vanuit Bojacá, een dorpje dat bekend staat als heiligdom waar zieken ’s zondags massaal offers komen brengen.

Na ongeveer twee uur wandelen op een zandweg, begint de Camino Real. 


De wandeling wordt steeds mooier naar het einde toe, en omdat je steeds bergaf gaat, wordt het steeds warmer. Neem je zwemgerief mee, want in El Ocaso zijn er zwembaden.


Hoe geraak je daar? Bussen naar Bojacá vanuit Bogota vertrekken vanaf Avenida de las Américas met Calle 13. De rit duurt een ruim uur. Blijf in Bojacá Calle 5 westwaarts volgen, daar begint het pad. Na 3 uur wandelen kom je in El Ocaso. Vanuit El Ocaso kan je terugkeren met de bus naar Bogota via Cachipay.


#11 La Pradera - Subachoque (1 dag)

Vanuit het mini-dorpje La Pradera vertrekt een bergwandeling naar een lagune. Vanaf de lagune kan je terugkeren naar Subachoque, of de Cerro del Tablazo beklimmen.


Het pad begint aan het torentje in La Pradera. Volg steeds rechtdoor, en als je boven op de berg op een splitsing uitkomt moet je naar links om naar de lagune te gaan.


In Subachoque raad ik je aan om te eten in Ubasá. Dit restaurant heeft een typische Colombiaanse keuken en heerlijke wortelcake.


Hoe geraak je daar? Neem de bus van Portal 80 naar La Pradera (via Subachoque).


#12 Peña de Juaica (1 dag)

Peña de Juaica is één van de hoogste toppen in de buurt van Bogota. Bijna de hele klim loop je door een bos, soms moet je jezelf bukken omdat je door een tunnel van plantengroei gaat. 



Als je éénmaal op de top bent kan je nog een stuk verder afdalen tot de rotswand om daar foto’s te nemen. De tocht heen en terug duurt drie uur.


Hoe geraak je daar? Neem vanuit Portal 80 de bus naar Siberia – Tenjo –Tabio. Vraag dat de chauffeur je afzet aan het begin van het wandelpad naar Peña de Juaica.


#13 Parque ecológico Pionono in Sopó (1 of 2 dagen)

Sopó is een klein dorpje dat aan de voet van een berg ligt. In Sopó staat een fabriek van Alpina, Colombia’s beste producent van melkproducten. Bezoek zeker La Cabaña Alpina, een mini-themapark waar je allerlei lekkernijen kan proeven. 

Vanuit Sopó is het 1,5 uur wandelen tot de bergtop waar Parque ecológico Pionono ligt. Eenmaal boven aanschouw je het Guatavita meer. 

Guatavita meer

Om te overnachten raad ik Casa Agrreste aan, gelegen in het groen. Je kan er pizza’s uit de houtoven eten en artisanaal bier drinken.

Hoe geraak je daar? Neem de TransMilenio tot Portal Norte. Van daaruit vertrekken bussen naar Sopó.


#14 San Francisco de Sales - Aguas Caliente(1 of 2 dagen)


San Francisco de Sales is een klein vredelievend dorpje dat in dezelfde richting ligt als La Vega en Villeta, maar minder druk bezocht. Het is ook iets minder warm als La Vega en Villeta, maar net warm genoeg voor openluchtzwembaden.


Vanuit het centrum kan je wandelen naar het Mariabeeld op de berg en via een andere weg terugkeren, een langere wandeling is richting Subachoque (Camino del Yaque), en nog een andere wandeling is tot de warmwaterbron (of aguas calientes). 

Van alle vulkanische warmwaterbronnen die ik bezocht in Colombia was dit de heetste. Aan de warme kant werd mijn huid rood van de hitte. Voor ons hadden enkele studenten er de hele nacht onder de blote sterrenhemel doorgebracht bevoorraad met canelazo (aguardiente+suiker+kaneel) en marihuana. 


Het ligt wat afgelegen, maar daarom is het ook minder druk. De wandeling erheen is mooi, maar probeer zoveel mogelijk te liften. Vanuit de bron kan je ook verder doorwandelen tot El Rosal.

Een andere plek om te baden in de natuur ligt naast het pad richting La Vega. Blijf het straatje van Jardin Encantado verder volgen. Achter één van de bruggen (na een paar km wandelen) loopt er aan de linkerkant een klein padje naar beneden. Daar komen verschillende riviertjes samen. Op een warme dag is het er goddelijk om te zwemmen.

Hoe geraak je daar? Neem vanuit Portal 80 de bus naar San Francisco de Sales. Als je alleen de warmwaterbron wilt bezoeken, vraag dan aan de chauffeur om je af te zetten aan het pad naar aguas calientes.


#15 Honda (2 dagen)


Honda ligt op 4 uur rijden van Bogota aan de wilde Magdalena rivier. Men gaat er in eerste plaats heen voor de warmte en zwembaden, maar ik was ook erg aangenaam verrast door het koloniale stadscentrum met haar kasseien steegjes.


Puente Navarro zou de eerste brug zijn in Latijns-Amerika gebouwd uit metaal. Aan het begin van de brug (aan de westkant van de Magdalena rivier) vertrekt een paadje naar de top van de berg vanwaar je de beste foto’s van Honda kan nemen.


Of je kan urenlang verder langs het water blijven wandelen. Op sommige plekken zijn er strandjes om te zwemmen. Op rustige plekken heb je kans om schildpadden te zien, deze worden ook gegeten en smaken naar verluid naar kip.


Als je liever in rustige zijrivier gaat zwemmen, neem dan een taxi naar Balneario la Picota.


Hoe geraak je naar? Neem de bus vanuit de Terminal de Transportes in Salitre. Je kan ook vanuit Portal 80 naar Villeta reizen en daar overstappen op een bus naar Honda.


#16 Wandelen in Supatá (2 dagen)

Supatá is een typisch Cundinamarcisch plattelandsdorpje, gelegen in een groene vallei, meest herkenbaar aan de wat futuristische ogende kerk. 


Supatá is uitstekend voor wandelingen, en is minder toeristisch dan Villeta of La Vega, waardoor het authentieker is.

We hadden het geluk dat er de Feria de Equinos plaatsvond, een volksfeest met paarden die zo galant mogelijk over houten planken moeten draven in een arena, muziekoptredens en barbecue. 


Aan één barbecuekraam zei men dat er op 2 dagen 4 koeien werden opgegeten. Het vlees was heerlijk vers, mals, sappig en gemarineerd. Nooit eerder heb ik zo'n lekkere biefstuk gegeten. Tijdens zulke plattelandsfestiviteiten wordt er ook stevig wat bier en aguardiente gezopen.


We maakten er twee toffe wandelingen: via de camino real richting Subachoque tot aan de watervallen en de wandeling naar de hangbruggen (vraag naar puentes colgantes).


Hoe geraak je daar? Neem vanuit Portal 80 de bus naar Supatá. Bussen rijden om het anderhalf uur. Reserveer voor de terugrit best op voorhand een zitplaats.