vrijdag 27 april 2012

Trip naar Belize: Lamanai & Belize City

Dit is het verslag van een tweedaagse trip vanuit Playa del Carmen in Mexico naar Belize.

Kort nadat we in Playa het tankstation uitrijden worden we aan de kant gezet door twee zwaantjes. Hoewel we gewoon de stroom van het verkeer gevolgd hebben krijgen we een bekeuring voor te hoge snelheid. De agent zegt dat we mee naar het bureau moeten rijden om de boete te betalen. Ik leg hem uit dat we daar geen tijd voor hebben, slechts anderhalve dag om 450 km heen en terug te rijden.

Na een tijdje onderhandelen kan hij een speciale regeling maken. “Uit-zon-der-lijk” vandaag kan ik de boete direct aan hem betalen. De manier waarop hij uitzonderlijk zegt zou hem zeker en vast een Oscarnominatie opleveren. Hij geeft subtiel een schrijfplankje door het raam en zegt dat ik het geld onder een papier mag schuiven. 200 pesos. Op deze manier geregeld omdat het de snelste uitweg was.

In de achteruitkijkspiegel zie ik beide agenten met een smile het winkelcentrum indraaien. Ze zullen hun buit gebruiken om hun varkensbuikjes te vullen in de Mc Donalds.


De afstand tussen Tulum en Belize City bedraagt ongeveer 450 km

Na 2,5 uur zuidwaarts rijden op een rechte baan door de jungle komen we aan bij Bacalar, een prachtige azuurblauwe lagune in de buurt van Chetumal. Op dit moment is er nog niet veel toerisme omdat het zo ver van de luchthaven in Cancun ligt.


Laguna Bacalar

Vlakbij Bacalar ligt cenote Azul. Met 90 meter diepte is dit een van de grootste cenotes ter wereld. Hier kan je lekker eten in het restaurant aan het water en zwemmen met grote vissen tussen gigantische boomwortels. Van daaruit is het niet meer ver naar de grens van Belize.


Cenote Azul

De grens tussen Mexico en Belize wordt gevormd door de Rio Hondo. "Welcome to Belize" zegt de olijke grenswachter, maar om Belize binnen te mogen moeten we eerst nog onze auto laten ontsmetten (pure quatsch als je ’t mij vraagt) en een autoverzekering voor Belize kopen. De ontsmettingsprocedure is niet meer dan wat flauw gepomp en 5 seconden met een spuitje aan de onderkant van de auto spuiten. Dit is een weinig creatieve manier van geldklopperij, want Belizaanse auto’s die uit Mexico komen moeten niets betalen.


Grens tussen Mexico en Belize

In Belize kan je met Amerikaanse dollars betalen of met Belize dollars. Een Belize dollar is exact de helft van een Amerikaanse dollar waard. Een koers die niet veranderd. 

Als je Belize binnen rijdt merk je direct het verschil met Mexico, het is veel armer. Het lijkt een dood en vergeten land. Weinig auto’s, lage bevolkingsdichtheid, verpauperde infrastructuur. De hoofdweg door het land is een simpele betonnen weg vol bulten en scheuren met slechts één rijstrook per richting. Er is bijna geen wegbewijzering. Je moet hier goed oppassen voor de verkeerdrempels want die staan niet aangeduid met borden zoals in Mexico.



Het landschap dat we doorkruisen  is plat en groen: grasachtig en regenwoud. Er wordt veel aan landbouw gedaan. Opvallend zijn de vele houten huisjes en low rider fietsen die je ziet rijden.


De low rider bike rijdt overal rond in Belize

De bevolking van Belize bestaat voor namelijk uit mestiezen, creolen en Maya’s. De voertaal is Engels. Dit is uitzonderlijk want in alle omliggende landen wordt er Spaans gesproken. De vele zwarten zijn afkomstig uit Jamaica en Barbados, die als slaven werden meegevoerd door de Engelsen. Je krijgt dan ook wel het gevoel soms dat je in Jamaica bent.

Na twee uur bollen vanaf de grens komen we aan in Belize City, de vroegere hoofdstad (na een verwoestende orkaan werd Belmopan de hoofdstad), maar met 61 000 inwoners nog wel de stad met het meeste aantal inwoners. Dat is erg weinig voor de grootste stad van een land. Dit geeft een goed beeld hoe kleinschalig Belize als land is.

Door de bouwvallige houten huisjes en zwarte mensen heeft Belize City veel weg van een gettobuurt, en dat is geen onterechte opmerking, want er is veel criminaliteit. ’s Nachts op straat lopen is niet geheel ongevaarlijk. In de krant lezen we dat er in het paasweekend in totaal vijf brute moorden op straat zijn gepleegd.


Geen ongewoon beeld in Belize City

Je ziet hier armoede. Zwervers op straat, zeer lage prijzen, weinig nieuwbouw. Als stad heeft het me die ene nacht niet echt kunnen charmeren omdat er weinig uitgaansmogelijkheden waren. In het centrum (naast de Swing bridge) hebben we maar één bar met muziek gezien, reggaestijl. Volgens een local drinken de meeste mensen thuis. Cultureel is het wel interessant, met geen enkele andere stad te vergelijken. Het lijkt op Afrika in Centraal-Amerika.


De Swing Bridge wordt elke morgend en avond door vier mannen handmatig geopend

Vanuit Belize City kan je o.a. boottochten maken naar de Cayes, eilandjes met prachtige koraalriffen. Wij besluiten dit niet te doen wegens de te beperkte tijd. Uit navraag bij enkele locals bleek dat Lamanai het mooiste is in deze regio om te bezoeken als je maar één dag hebt. Zodus rijden we de volgende morgen terug noordwaarts naar de Toll Bridge nabij Orange Walk.

Van hieruit kan je voor 40 Amerikaanse dollars een bootexcursie door de jungle maken naar Lamanai, een van de oudste tempels in het Mayarijk.

Onderweg zie je aapjes, krokodillen en veel vogels. Dit land is nog erg ongerept. De rivier werd door de Engelsen herbenoemd tot ‘New River’ maar heette vroeger ‘River of the Strange Faces’, omdat deze rivier als enige weg door de jungle fungeerde en je hier vele onbekende gezichten tegenkwam. De rivier heeft veel scherpe bochten en splitsingen. Onze gids kent het parcour duidelijk uit zijn broekzak, hij vaart met hoge snelheid en via binnenwegen.



Plotseling begint het ongelooflijk hard te regenen. De gids geeft een zeil om over ons te trekken maar het kan niet baten. Kletsnat tot op de onderbroek. Mijn gsm bleek achteraf kapot van het water.

Na twee uur varen komen we aan in een breder gedeelte van de rivier, best wel indrukwekkend. Hier leggen we aan, om de rest van onze tocht verder te voet af te leggen. Tussen de hoge bomen schuilt een prachtig tempelcomplex van de Maya’s. Een verborgen schat in de jungle. Terwijl we via een zandpad tussen de bomen steil omhoog klimmen doet de moessonregen haar huishouden. Op de achtergrond horen we aapjes hoog in de bomen brullen. De jungle van Belize staat ook bekend voor een hoge jaguarpopulatie, maar om die te zien moet je al veel geluk hebben.


Mensen die dit ooit ontdekt hebben moeten zich echte avonturiers gevoeld hebben             


Zicht van de tempel op de New River

Op de terugweg moesten we aan de grens nog eens 20 dollar natuurtax betalen om Belize te kunnen verlaten. Op die manier verdient de staat toch iets aan de toeristen.

Tussen de douane van Belize en de douane van Mexico ligt de Commercial Free Zone, een afgesloten terrein met goedkope drank-, en prullariawinkels op Belizaans grondgebied dat je mag betreden zonder de douane van Belize te passeren. Hier komen veel Mexicanen inkopen doen. Biggest brol ever, deze laatste stop is naar mijn mening geen absolute must-do.

Het mooie aan Belize is dat het zo ongerept is en dat er weinig toeristen zijn. Anderzijds heeft het een desolate indruk vanwege de lage bevolkingsdichtheid en verouderde infrastructuur. Als je een beetje avontuurlijk bent ingesteld is Belize echt iets voor jou.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen